R. Vrede zij u, Maria,
Vol van genade,
U bent de vreugde van uw Heer ! / U bent de Moeder van de Heer !
1. Hoor nu meisje, luister goed.
Vergeet uw volk en het huis van uw vader,
Want de koning wordt door uw schoonheid geboeid.
2. De prinses treedt binnen, gekleed in vorstelijke gewaden,
Gehuld in kostbare stoffen.
In haar weelde leidt men haar voor de koning.
3. Zij wordt door jonge meisjes vergezeld
En, begeleid door feestelijke klanken,
Komen zij aan bij het paleis van de koning.
4. Dan staan uw zonen op
Om uw vaderen op te volgen.
Zij worden vorsten over heel de aarde.
5. Wees verheugd, vreugde die wij verlangen.
Wees verheugd, diepe blijdschap voor de kerk.
Wees verheugd, gelaat dat Gods schoonheid weerkaatst.
6. Wees verheugd, heilige woning.
Wees verheugd, moeder met licht omhuld,
Die de Zon die nooit ondergaat, voortbracht.
7. Wees verheugd, moeder vol schoonheid.
Wees verheugd, zuivere bron,
Waaruit de Stroom ontspringt die leven geeft.
8. Wees verheugd, nieuwe moeder.
Wees verheugd, moeder vol genade,
Die Gods nieuwe kinderen vormt.
9. Wees verheugd, boek dat beschreven is met het nieuwe woord.
Wees verheugd, albasten vaasje, gevuld met de mirre van heiligheid.
Wees verheugd, schepsel dat uw Schepper mocht dragen.
Oorspronkelijke titel (FR) : Réjouis-toi, Marie, tu es la joie de ton Seigneur
© Patrick Lemoine, Notre Dame de Vie
(Éditions du Carmel, 33 avenue Jean Rieux, 31500 Toulouse)
Vertaling : © 1988, Gemeenschap Emmanuel Nederland, Postbus 5504, 6202 XA Maastricht