R. ‘t Is geboren het God’lijk Kind,
Komt, herders speelt op uw feestschalmeien.
‘t Is geboren het God’lijk Kind,
Dat ons allen zo teer bemint.
1. ‘k Zie een engel die daar gezwind,
Dalend over de groene weiden,
‘k Zie een engel die daar gezwind,
Bij de schaapjes de herders vindt.
2. Schrik niet herders, weest welgezind
Laat uw schaapkens in die valleien,
Schrik niet herders, weest welgezind
Daar gij eerst uw Verlosser vindt.
3. In een stal ligt dat Godd’lijk Kind,
Op wat stro moet ‘t zijn leden spreien,
In een stal ligt dat Godd’lijk Kind,
Waar zijn moeder ‘t in doekjes windt.